Medicijnresten in oppervlaktewater

De Nederlandse bevolking gebruikt steeds meer medicijnen. Dit gebruik zal hoogstwaarschijnlijk door de toenemende vergrijzing in de komende decennia verder toenemen. Daarom komen via het toilet, het riool en rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s) steeds meer medicijnresten in het oppervlaktewater terecht. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat lage concentraties van medicijnresten al nadelige effecten kunnen hebben op aquatische organismen.

Medicijnresten in het oppervlaktewater

Hierdoor staat de kwaliteit van het waterleven onder druk. Daarnaast is de beschikbaarheid van voldoende schoon oppervlaktewater en grondwater noodzakelijk voor het maken van drinkwater. Medicijnresten in deze bronnen bemoeilijken de beschikbaarheid.

Dit onderdeel gaat over medicijnresten in oppervlaktewater, voor grondwater zie kwaliteit grondwater.

Beleid en doelen

Ketenaanpak Medicijnresten uit Water

Sinds enige jaren werkt de Rijksoverheid samen met de Unie van Waterschappen, de brancheorganisatie van de drinkwaterbedrijven Vewin, gemeenten en partijen uit de zorgsector in de ‘Ketenaanpak Medicijnresten uit Water’ aan het terugdringen van medicijnresten in oppervlakte- en grondwater. Uitgangspunt daarbij is en blijft dat geneesmiddelen voor iedereen die ze nodig heeft toegankelijk blijven. Deze aanpak is gericht op alle stappen: van de ontwikkeling en toelating, het voorschrijven en gebruik, tot en met de afval- en zuiveringsfase. Ondanks maatregelen aan de voorkant van de keten, is de verwachting dat een substantiële emissiereductie van medicijnresten naar oppervlaktewater alleen maar kan worden behaald door verbeterde zuivering op rwzi’s.

Verder lezen

Toestand

concentratie van medicijnresten in oppervlaktewater, 2009-2018

Uit de gegevens van de afgelopen jaren blijkt dat medicijnresten zeer geregeld worden aangetroffen in oppervlaktewater, en niet alleen in de buurt van rwzi’s, maar ook elders in kleine en grote rivieren en bij innamepunten voor de drinkwatervoorziening. De metingen geven waarschijnlijk geen volledig beeld van de aanwezige hoeveelheid medicijnresten in oppervlaktewater.

risico van medicijnresten in oppervlaktewater, 2009-2018

Een risicoquotiënt wordt berekend door de hoogst gemeten concentratie te delen door een risicogrens; bij een waarde hoger dan 1 wordt de risicogrens op die locatie en dat tijdstip dus overschreden

Wetenschappelijk onderzoek laat verschillende effecten van medicijnresten op aquatische organismen zien. Zo kunnen pijnstillers weefselschade veroorzaken bij vissen, kunnen anticonceptiemiddelen tot geslachtsverandering bij vissen leiden en antipsychotica het gedrag van kleine waterkreeftjes en vissen beïnvloeden. Beleidsmatig worden (on)aanvaardbare risico’s vertaald naar risicogrenzen. Indien het risicoquotiënt (de concentratie gedeeld door de risicogrens) groter is dan 1, dan wordt dat als risico gezien. Zeven van deze stoffen blijken een risico voor het watersysteem op te leveren: carbama-zepine, sulfamethoxazol, clarithromycine, azitromycine, diclofenac, dipyridamol en oxaze-pam.

Omdat per locatie vaak maar een beperkt aantal metingen beschikbaar is, is het voor de meeste stoffen niet mogelijk om per locatie een jaargemiddelde waarde te berekenen. Daarom zijn de risicogrenzen vergeleken met de hoogst gemeten concentraties. Dit geeft een realistisch ‘worstcasebeeld’. Echter, van een aantal stoffen is de risicogrens lager dan de rapportagegrens. Dat betekent dat wanneer een stof niet wordt aangetoond, deze toch in een concentratie boven de risicogrens aanwezig kan zijn.

Bronnen

Het grootste deel van de medicijnresten dat in het milieu terechtkomt (95 procent), komt via urine en ontlasting in het riool terecht, dus na gebruik door consumenten. Het aandeel van huishoudens in de verontreiniging door medicijnresten is daarbij veel groter dan die van ziekenhuizen en verzorgingshuizen.

Via het riool worden de medicijnresten naar een rwzi getransporteerd. Daarnaast belandt een klein gedeelte van het ruwe afvalwater via overstorten direct in het oppervlaktewater. Het verschilt per stof in welke mate de bestaande rwzi’s medicijnresten kunnen verwijderen. Een deel van de medicijnresten komt dus vanuit de rwzi in het oppervlaktewater terecht, en een klein deel daarvan kan vanuit het oppervlaktewater ook in het grondwater terechtkomen.

Verder lezen

Maatregelen en effecten

beleidstraject ketenaanpak medicijnresten uit water

Uitgangspunt bij de ‘Ketenaanpak Medicijnresten uit Water’ is dat geneesmiddelen voor iedereen die ze nodig heeft toegankelijk blijven. De deelnemende partijen hebben afgesproken pragmatisch te werken, niet af te wachten, maar te handelen waar dat kan mits de maatregel effectief is. Zo zijn bijscholingsmodules ontwikkeld voor artsen, werken apothekers aan het beter inzamelen van medicijnresten, werkt het ministerie van VWS aan doelmatigheidsprogramma’s met aandacht voor polyfarmacie, het gebruik van antibiotica en psychofarmaca. Verder wordt gewerkt aan het beter reduceren van emissies van röntgencontrastmiddelen en werken waterpartijen aan een betere zuivering. Deze aanpak wordt op verschillende plaatsen ook regionaal opgepakt.

Ondanks maatregelen aan de voorkant van de keten, is de verwachting dat een substantiële emissiereductie van medicijnresten naar oppervlaktewater alleen maar kan worden behaald door verbeterde zuivering op rwzi’s. Ook andere microverontreinigingen, zoals gewasbeschermingsmiddelen en biociden kunnen hierbij ‘meeliften’. Het is nog te vroeg om de effecten van de maatregelen in Nederland in beeld te brengen, aangezien de meeste maatregelen nog niet in werking zijn.

Verder lezen

 

Deel deze pagina

Vragen over Nationale Analyse waterkwaliteit?

Neem dan contact op met Frank van Gaalen via frank.vangaalen@pbl.nl