Grondwater: hoe staat het ervoor?

Eind 2020 verscheen de KIWK-voortgangsrapportage 2020, waarin een overzicht wordt gegeven van de voortgang van de afzonderlijke projecten die lopen binnen de Kennisimpuls Waterkwaliteit. De komende weken vertellen we u graag wat er in de uiteenlopende projecten is gebeurd. Deze keer: Grondwater.

Grondwatermeetpunten

Door menselijke  activiteiten wordt het schone, traag stromende grondwater tot steeds grotere diepten verontreinigd met veel verschillende stoffen. Deze zogenoemde vergrijzing van het grondwater is volgens de Adviescommissie Water een urgent probleem, vooral met het oog op de drinkwatervoorziening. Om het grondwater hier beter tegen te beschermen is meer aandacht en kennis nodig voor de factor ‘tijd’ bij het grondwaterbeheer. Het KIWK-project ‘Grondwaterkwaliteit: Grip op de langetermijneffecten van antropogene activiteiten op de grondwaterkwaliteit’ richt zich daarom op de langetermijneffecten van menselijke ingrepen op de grondwaterkwaliteit. Het project richt zich op de volgende drie aspecten:

  1. De invloed van fysieke ingrepen op de grondwaterkwaliteit, bijvoorbeeld van doorboringen van beschermende lagen. De energietransitie (waardoor toename mag worden verwacht van Geothermie en WKO) speelt daarbij een belangrijke rol.
  2. De afbraak van verontreinigingen in het grondwater door microbiologische processen en de vraag of die afbraak door de cocktail van verontreinigingen in het grondwater op termijn gevaar loopt.
  3. De afbraak en vastlegging van verontreinigingen door mineralen in de ondergrond en de vraag of die afbraak en vastlegging op termijn gevaar loopt, bijvoorbeeld de afbraak van pyriet onder invloed van nitraat.

Voor deze aspecten wordt onderzocht of de kwaliteit van het grondwater op de lange termijn voldoet om grondwaterafhankelijke functies te kunnen vervullen, en welke handelingsperspectieven geboden kunnen worden om grondwatervoorraden op de lange termijn voldoende tegen verontreiniging te beschermen. In de voorbereidende, eerste fase is een aantal thema’s gedefinieerd waar nader studie naar zal worden verricht.
 

Wat is er tot nu toe gebeurd?  

De eerste fase van het project ging van start in het voorjaar van 2019. In de zomer van 2019 werd  een bijeenkomst georganiseerd om de vraagstelling verder uit te werken. Dat leidde tot de volgende vijf thema’s: 1) Warmte Koude Opslag, 2) Geothermie, 3) Overige hydrologische ingrepen, 4) Opkomende stoffen en 5) Overige stoffen. Het werk werd verdeeld in een aantal werkpakketten.

Binnen het werkpakket   ́Fysieke bescherming ́ hebben de onderzoekers reeds beschikbare literatuur verzameld over mogelijke effecten van fysieke ingrepen in de ondergrond op de grondwaterkwaliteit. Deze literatuur is doorgenomen en bediscussieerd. Specifiek voor doorboringen ten behoeve van geothermie en bodemenergiesystemen is deze informatie verwerkt in een factsheet over ‘geothermie’ en in een factsheet over de effecten van bodemenergiesystemen. In deze factsheets is aandacht voor de (mogelijke) verandering van de grondwaterkwaliteit op de lange termijn tijdens aanleg, tijdens bedrijf en tijdens einde levensduur van geothermie en bodemenergiesystemen (BES). Effecten en kansen zijn benoemd. Verder is gestart met een plan van aanpak voor het vervaardigen van de risicokaart doorboringen in Nederland.

In het werkpakket   ́Bodembiologische bescherming’ werd het afgelopen jaar een literatuuronderzoek uitgevoerd om na te gaan of verontreinigingen effect kunnen hebben op micro-organismen in de bodem en daarmee op het reinigend vermogen ervan. Hierbij is niet alleen gekeken naar hetgeen bekend is over de invloed van (micro)verontreinigingen op micro-organismen, maar ook wat bekend is over effecten van bodembeheer zoals het opbrengen van rioolslib of groencompost in combinatie met landgebruik en bodemsoort en invloed van klimaatverandering. Het literatuuronderzoek is afgerond en wijst erop dat verontreinigingen wel degelijk effect kunnen hebben op de microbiële gemeenschap.

In het werkpakket  ‘Geochemische bescherming’ werd de literatuurstudie over geochemische bescherming (Van der Grift en Stuyfzand, 2019) aangevuld met een trendanalyse van ijzer en calcium in gewonnen grondwater in Nederland. Hieruit volgt het grote belang van geochemische buffering in bescherming van de diepere grondwaterkwaliteit en de keerzijde die dit heeft (i.c.versnelde putverstopping en toegenomen zuiveringsinspanning). In samenwerking met waterbedrijf WML is de casus Grubbenvorst geselecteerd om de rol van geochemische bescherming nader te kwantificeren. Grubbenvorst is gekozen omdat de geleidelijke toename van geochemische uitloogproducten (o.a. calcium en aluminium) aanwijzingen geeft voor uitdemping van de effecten van diverse diffuse (nitraat, bestrijdingsmiddelen), lijn- (infiltrerend oppervlaktewater) en puntbronnen op de diepe grondwaterkwaliteit.

In het vijfde werkpakket werd in 2020 een achtergronddocument opgesteld ‘Status vergrijzing in Nederland’. Tevens werd een Deltafact Vergrijzing geschreven. In het achtergronddocument  werden drie stofgroepen beschouwd: bestrijdingsmiddelen, meststoffen en ‘historische’ verontreinigingen; de Deltafact heeft een bredere scope.

In het kader van het thema ‘Opkomende stoffen in grondwater’ werd in 2020 de state-of-the-art kennis over opkomende stoffen nationaal en internationaal geïnventariseerd. Deze is beschreven in een Deltafact. Ook zijn beschikbare meetgegevens van provincies en van drinkwaterbedrijven verzameld en verwerkt. Vervolgens maakten we in 2020 een samenvatting van relevante opkomende stoffen voor grondwater in Nederland. Een concept van de Deltafact ‘Effecten van kunstmatige infiltratie van oppervlaktewater op de grondwaterkwaliteit’ is opgesteld. In deze Deltafact komen de effecten van verschillende typen infiltratiesystemen die actief worden gevoed door oppervlaktewater, aan bod. Naast effecten op de chemische waterkwaliteit wordt ingegaan op de uitloging van reactieve componenten, de verplaatsing van fijne deeltjes en putverstopping bij eventuele onttrekking.
 

Wat gaat er gebeuren in 2021?

Nog in januari verwachten we de resterende drie Deltafacts te kunnen afronden. Er wordt verder onder meer een scenario-studie uitgevoerd in een casestudie (Woerden) om na te gaan wat de lange termijnontwikkelingen op de grondwaterkwaliteit zijn als gevolg van fysieke ingrepen in de ondergrond. In een casestudie bij Grubbenvorst worden lange termijnontwikkelingen op de grondwaterkwaliteit als gevolg van doorboringen onderzocht. In het kader van het werkpakket ‘Bodembiologische bescherming’ zullen de volgende onderzoeken worden uitgevoerd: a) aanwijzingen voor stress uitzoeken o.b.v. bestaande bodembiologische gegevens en dit relateren aan de chemische samenstelling van grondwater; b) uit kaarten van de Atlas Natuurlijk Kapitaal locaties afleiden met het hoogste en laagste zelfreinigend vermogen van de bodem en daarvan bodemmonsters testen; c)  De Potentieel Aangetaste Fractie berekenen (ms-PAF). Hiermee kan op basis van chemische analyses van waterkwaliteit het verwachte (potentiële) effect van meerdere stoffen op het ecosysteem worden berekend. Dit is een samenwerking met het KIWK-Toxicologie project.

In het vierde werkpakket ‘geochemische bescherming’ worden op basis van beschikbare gegevens de geohydrologische en geochemische eigenschappen van de casus Grubbenvorst beschreven. Vervolgens worden deze inzichten verdiept door analyse van de reactiviteit van sedimentmonsters op verschillende diepten. Ook wordt onderzocht wat de mogelijkheden voor, en het nut van een indicator voor vergrijzing zijn. Voor het thema Opkomende stoffen gaan de onderzoekers voor een afgebakende set (stoffen, gebieden) de keten bron – pad – receptor in beeld brengen, om vast te stellen waar de emissies plaatsvinden. Vervolgens kan een prioritering voor de stoffen gemaakt worden en kunnen handelingsperspectieven inclusief monitoringsmogelijkheden worden aangegeven.

Hebt u vragen?

Voor vragen kunt u een email sturen naar Wilko.Verweij@deltares.nl

Deel deze pagina

Houd mij op de hoogte